Ecocem, pionier in duurzame cementtechnologie, ontwikkelde met ACT een nieuwe generatie laag-CO2-cementtechnologie. C-concrete testte als eerste prefabproducent de toepassing ervan op industriële schaal. Samen laten de bedrijven zien hoe samenwerking in de keten de verduurzaming van beton kan versnellen.
Voor C-concrete, onderdeel van de Belgische bouwgroep Cordeel, kwam de kennismaking met ACT op het juiste moment. Het bedrijf beschikt in Temse over een eigen prefabfabriek en betoncentrale en werkt al jaren aan de verduurzaming van haar betonproducten. “Begin dit jaar hebben we de eerste laboratoriumtesten met ACT uitgevoerd”, vertelt Simon Maillet, duurzaamheidsmanager van Cordeel Group/C-concrete. “Midden februari volgde een grootschalige proef waarbij we een volle wand en geïsoleerde sandwichwand produceerden. Dat waren volwaardige prefabelementen op industriële schaal.”

Aan de proef ging een uitgebreid ontwikkeltraject vooraf. “Samen met Ecocem hebben we gezocht naar de juiste samenstelling voor onze producten”, zegt Nikolas Schack, Concrete & Quality Supervisor bij C-concrete. “Na verschillende laboratorium- en productietesten hebben we het mengsel verder verfijnd, zodat het volledig productieklaar werd.”
De proef verliep volgens beide mannen succesvol. “Voor onze medewerkers op de werkvloer maakte ACT nauwelijks verschil in verwerkbaarheid”, zegt Maillet. “Dat was cruciaal. We willen innovatieve producten kunnen inzetten zonder dat onze industriële processen fundamenteel veranderen.”
De succesvolle proef neemt volgens Schack niet weg dat de toepassing van laagklinkercementen in prefab beton specifieke uitdagingen met zich meebrengt. “Deze toepassing verschilt wezenlijk van die in betonmortel voor de bouwplaats. Bij stortbeton kan een bekisting vaak langer blijven staan. In een prefabfabriek is dat anders. Daar moeten elementen dagelijks kunnen worden ontkist om het productieproces draaiend te houden.” Dat maakt volgens hem de toepassing van laagklinkercementen extra uitdagend. “Deze cementen ontwikkelen doorgaans minder warmte tijdens het verharden en bereiken daardoor minder snel de vereiste vroege sterkte. Dat vraagt om een zorgvuldige afstemming van de receptuur en uithardingsomstandigheden. De uitdaging is om dezelfde productiesnelheid te behouden en tegelijkertijd de CO2-uitstoot sterk te verlagen.”


Duurzaamheid staat centraal in de strategie van C-concrete. Het bedrijf zet in op circulariteit, alternatieve grondstoffen, minder waterverbruik en een lagere CO2-uitstoot. “Zo gebruiken wij uitsluitend regenwater in onze betonproductie”, zegt Maillet. “Maar de grootste winst valt te behalen in het cement. Daarom ontwikkelen we al jaren nieuwe recepturen en testen we alternatieve bindmiddelen.”
Volgens Schack wordt daarbij steeds gezocht naar een balans tussen duurzaamheid en praktische toepasbaarheid. “Een oplossing moet niet alleen milieuwinst opleveren, maar ook passen binnen een efficiënt productieproces. Prefab beton vormt misschien maar een beperkt deel van de totale betonproductie, maar ook wij moeten bijdragen aan de reductie van de CO2-uitstoot. De hele bouwsector staat voor dezelfde uitdaging.”
Voor Maillet is decarbonisatie vooral een investering in de toekomst van beton. “Wij geloven in prefab beton als antwoord op de groeiende vraag naar snelle en efficiënte bouwmethoden. Maar als we met beton willen blijven bouwen, moeten we het materiaal toekomstbestendig maken.” Die aanpak werpt zijn vruchten af. “Onze huidige betonmengsels zitten ongeveer 33 procent onder de gangbare CO2-uitstoot van de Belgische markt. Met ACT gaan we nog veel verder. Uit levenscyclusanalyses blijkt dat we meer dan twee derde onder de gebruikelijke CO2-waarden kunnen uitkomen.”
Voor C-concrete is die reductie niet alleen een antwoord op strengere milieueisen, maar ook op de veranderende marktvraag. Maillet ziet dat opdrachtgevers steeds vaker vragen naar oplossingen die passen binnen de principes van Paris Proof bouwen en aantoonbaar bijdragen aan de verlaging van de totale klimaatimpact van gebouwen. Daarom blijft het bedrijf actief zoeken naar nieuwe materialen en technologieën die verder gaan dan de huidige standaard. De proef met ACT past volgens hem perfect binnen die aanpak.

Ook in België groeit de aandacht voor duurzaam beton. “Wij hebben het Vlaamse Betonakkoord ondertekend”, zegt Maillet. “Daarin is afgesproken om de CO2-uitstoot tegen 2030 met 50 procent te verminderen. Daarnaast ligt er een sterke focus op circulariteit en gerecycleerde granulaten.” Toch ziet hij verschillen met Nederland. “Het Nederlandse Betonakkoord werkt met duidelijke plafond- en koploperwaarden voor de CO2-impact van beton. Die duidelijkheid ontbreekt in België nog deels.” Volgens Maillet wordt de sector in België niet geremd, maar wel minder sterk gestimuleerd. “De focus ligt hier vaak nog meer op circulariteit dan op decarbonisatie. Voor ons is dat juist een kans om voorop te lopen, zeker omdat we veel leveren aan Nederlandse projecten.”
Schack merkt ook verschillen in de dagelijkse praktijk. “In Nederland wordt vaak sneller geschakeld en wordt beton meer als één materiaal beschouwd, ongeacht of het gaat om prefab of stortbeton. In België wordt dat onderscheid wel nog vaker gemaakt.” Maillet ziet daarnaast een cultuurverschil. “In Nederland is het gevoel van urgentie rond decarbonisatie groter. Tegelijkertijd loopt België op sommige vlakken voorop in de renovatie en herbestemming van bestaande gebouwen. Beide landen kunnen van elkaar leren.”

Volgens Maillet stopt verduurzaming niet bij cementreductie alleen. “Voor een project in Antwerpen produceren we momenteel hybride vloerplaten met een combinatie van CLT-hout en laag-CO2-beton. Ook dat is een manier om de milieu-impact van gebouwen verder te verlagen. De toekomst ligt in een combinatie van oplossingen.”
De duurzaamheidsambities van C-concrete maken deel uit van een bredere strategie binnen de Cordeel Group. Volgens Maillet rust die op verschillende pijlers, waaronder innovatie, digitalisering, klimaat, circulariteit en natuur. Binnen C-concrete vertaalt zich dat vooral in het ontwikkelen van nieuwe betonrecepturen en het testen van innovatieve bindmiddelen die de milieu-impact van beton kunnen verlagen zonder in te boeten aan kwaliteit of productiviteit. “Omdat we beschikken over een eigen betoncentrale en prefabfabriek kunnen we relatief snel nieuwe oplossingen uittesten en opschalen”, zegt hij. Die combinatie van praktijkervaring, productiekennis en innovatie maakt het volgens Maillet mogelijk om verduurzaming niet als afzonderlijk project te benaderen, maar als een integraal onderdeel van de dagelijkse bedrijfsvoering.

Neem dan rechtstreeks contact op met Ecocem.
Contact opnemen