Beton en staal kunnen verrassend lang mee, mits beheer niet stopt bij de oplevering. Anthony van den Hondel ziet kathodische bescherming steeds minder als een puur technische ingreep en steeds meer als een aanjager van procesmatig assetmanagement.
Wie met Van den Hondel praat over kathodische bescherming (KB), komt al snel voorbij de techniek. Als eigenaar van Cathodic Protection Supplies en Cathodic Protection Advice is hij daar dagelijks mee bezig. Als voorzitter van het Betononderhoudsplatform (BOP) en het KB-Kenniscentrum gaat zijn betrokkenheid zelfs verder. “Natuurlijk gaat het over beton, wapening, stroom, meetwaarden en systemen die staal tegen corrosie beschermen. Maar het gaat breder dan dat: constructies gaan honderd jaar mee, organisaties doorgaans niet.”
“Onderhoud aan zo’n object is geen project met een duidelijk begin en einde”, benadrukt Van den Hondel. “Het is een proces gedurende de hele levensduur.” Juist daar gaat het volgens hem vaak mis. Projectteams leveren op, mensen wisselen van functie, dossiers verdwijnen naar de achtergrond en na een paar jaar weet niemand meer waarom keuzes zijn gemaakt. Van den Hondel is vaak een van de weinigen die over projecten heen blijft meekijken. “De constructie gaat honderd jaar mee. Hoe houd je dan bij wie wat heeft gedaan, wanneer en waarom? Daarvoor hebben we een mooi woord: het dossier. Alleen is dat in de praktijk niet altijd de levende kennisbron die het zou moeten zijn.”

KB heeft in Nederland grote stappen gezet. De techniek is volwassen. Met een kleine elektrische stroom wordt de wapening in beton zo beïnvloed dat corrosie wordt geremd of gestopt. Na herstel en bescherming neemt de benodigde inspanning vaak snel af. “Die systemen hebben helemaal niet zo’n zware taak om het staal in orde te houden”, zegt Van den Hondel. “Als je de techniek induikt, zie je dat de beschermingsbehoefte binnen een jaar enorm terugloopt tot zo’n 25% van de startwaarde.” Daarmee maakt KB beheer niet overbodig, maar juist zichtbaar. Installaties leveren data op, metingen tonen trends en afwijkingen worden vroeg herkend. Een lekkage, lokaal slechter stuk beton of kapot doosje: wie regelmatig kijkt, ziet problemen jaren voordat ze acuut worden. “We beginnen dan te roepen: het is allemaal nog in orde, maar hier ontwikkelt zich iets”, zegt Van den Hondel. “Misschien staat er over vijf jaar echt iets te gebeuren.” Precies dat maakt de techniek waardevol: tijdig nadenken is goedkoper, rustiger en verstandiger dan achteraf repareren.

Voor betonconstructies, bruggen, parkeergarages en civiele kunstwerken ligt daar een belangrijke les. Aan de elektrokant is periodieke inspectie vanzelfsprekend. Apparatuur krijgt contracten, keuringen en onderhoudsschema’s. Bij beton is die reflex minder sterk. Beton lijkt stil, totdat schade zichtbaar wordt en het urgent is. “Wij lopen er als KB-specialisten heel erg tegenaan dat er niet regelmatig wordt gekeken en nagedacht over beton, de conditie en de beschermingsbehoefte”, vervolgt Van den Hondel. “Op het moment dat je dat proces wel opzet, merken beheerders: dit is eigenlijk heel anders.”

In die zin is KB ook een cultuurkwestie. De techniek dwingt tot continuïteit: meten, vergelijken, vastleggen en doorgeven. Tot organisaties die niet alleen projecten doen, maar verantwoordelijkheid organiseren. Van den Hondel: “Het is al lang niet meer zo dat we alleen nog een slag moeten maken in de techniek. Het grote punt zit in de manier waarop we onderhoud en beheer sturen.” Dat is minder spectaculair dan een nieuwe vinding, maar minstens zo relevant. De levensduur van constructies wordt niet alleen bepaald door materiaal en ontwerp, maar ook door het geheugen van de beheerorganisatie. “Wie weet wat er eerder is gedaan, kan beter besluiten wat er straks nodig is”, besluit Van den Hondel. “Het probleem is vaak niet technisch. Het is een organisatieprobleem. KB houdt staal uit de roest, maar houdt beheerders ook scherp. En misschien is dat laatste wel de grootste winst.”
Tijdens het Beton Café op 17 september 2026 stond een vraag centraal die ook in dit artikel terugkomt: wanneer volstaat bescherming en wanneer is herstel nodig? Sprekers en bezoekers bespraken hoe inspectie en diagnose beheerders helpen om de juiste maatregel op het juiste moment te kiezen. Daarbij gaat het niet alleen om zichtbare schade, maar ook om de oorzaak, gewenste restlevensduur en gevolgen van uitstel. Het BetonOnderhoudsPlatform neemt de inzichten uit de bijeenkomst mee in gesprekken met onder meer gemeenten en provincies over het langer gebruiken van bestaande betonconstructies.